Coverafbeelding Gerard Cox - Ik Hoop Dat't Nooit Ochtend Wordt...

Gerard Cox

Ik Hoop Dat't Nooit Ochtend Wordt...

  • Statistieken
  •   4 wkn Tipparade
  •   1978

Artiestinformatie

Geboortedatum   06-03-1940
Land   Nederland

Gerardus Antonius (Gerard) Cox is een veelzijdig talent: hij is zanger, cabaretier, scenarioschrijver, acteur en regisseur.

Gerard Cox is een geboren en getogen Rotterdammer die begon als onderwijzer. Als vertolker van luisterliedjes in de stijl van Jaap Fischer verwierf Cox rond 1960 enige bekendheid in Nederland en Vlaanderen.

In 1966 sloot Gerard zich aan bij Lurelei, waar hij met Eric Herfst, Jasperina de Jong, Rogier van Otterloo en Marjan Berk speelde. Op 28 oktober 1966 kreeg hij een proces-verbaal wegens "opzettelijke belediging de Koning of de Koningin aangedaan", in zijn liedje Arme ouwe.

Vanaf 1970 werkte Gerard met onder anderen Gregor Frenkel Frank, Luc Lutz en Frits Lambrechts in het KRO-radioprogramma Cursief. Cox' conference Polleke, over een gedrogeerde Vlaamse wielrenner, behoort inmiddels tot de klassiekers.

De samenwerking met Frans Halsema was legendarisch met het programma Wat je zegt dat ben je zelf. De bekendste onderdelen uit dit programma waren de persiflages op toentertijd bekende radio- en televisieprogramma's als Geen ja, geen nee, Voor een briefkaart op de eerste rang en Raden maar. In datzelfde jaar scoorde Gerard een nummer 1-hit met het nummer 't Is Weer Voorbij Die Mooie Zomer, wat hem op veel kritiek kwam te staan uit het artistieke wereldje.
Daarna volgde de hit Die Goeie Ouwe Tijd, waarna het hitsucces weer afnam.

In 1987 stond hij weer in de Top 40 met Die Laaielichter.

Van 1994 tot 2009 is Gerard vooral bekend als scenarioschrijver en acteur in de 226 afleveringen tellende televisieserie Toen was geluk heel gewoon, waarin hij samen met Joke Bruijs een echtpaar speelde, terzijde gestaan door Sjoerd Pleijsier.

Eind 2019 startte zijn soloprogramma: “De grote grijze belofte”.



Songtekst

Ik liet je los en was je kwijt,
ik hield alleen herinnering en spijt.
Je bent terug! Wel, kijk eens aan,
maar nu laat ik je nooit meer gaan.

Ik hoop dat het nooit ochtend wordt.
Kon ik de nacht maar op de ruiten lijmen,
anders duurt hij veel te kort.
Kruip maar lekker heel dicht bij me.
De maan schijnt door het dakraam heen.
Buiten is het al gaan vriezen.
Trek de dekens om ons heen.
Nooit wil ik jou meer verliezen,
jou alleen.

Vanavond laat trok je aan de bel.
Meestal ga ik daar niet op af, nu wel.
Je zei: ‘Hallo, ben zo alleen
en ik kan nergens anders heen.’

Ik hoop dat het nooit ochtend wordt.
Kon ik de nacht maar op de ruiten lijmen,
anders duurt hij veel te kort.
Kruip maar lekker heel dicht bij me.
De maan schijnt door het dakraam heen.
Buiten is het al gaan vriezen.
Trek de dekens om ons heen.
Nooit wil ik jou meer verliezen,
jou alleen.

Maar ja, wat nu? Ga je straks vlug
de trap af en de deur uit, weg, terug?
Het is bijna licht, ik krijg het koud.
Heb ik je weer te veel vertrouwd?

Ik hoop dat het nooit ochtend wordt.
Kon ik de nacht maar op de ruiten lijmen,
anders duurt hij veel te kort.
Kruip maar lekker heel dicht bij me.
De maan schijnt door het dakraam heen.
Buiten is het al gaan vriezen.
Trek de dekens om ons heen.
Nooit wil ik jou meer verliezen,
jou alleen.

Songinformatie

ArtiestGerard Cox
 A-kant
Titel Ik Hoop Dat 't Nooit Ochtend Wordt…
Lengte 4:45
Componist(en) Gilles Olivier, P. Felissati, G. Cox
Producer(s) Ruud Bos
 B-kant
Titel Weinig Tot Niets
Lengte 2:18
Componist(en) H. Den Ouden, G. Cox
Producer(s) Ruud Bos
 
Platenlabel Ariola
Catalogusnr 100064
Album Ik Hoop Dat 't Nooit Ochtend Wordt…


Positieverloop