Top 4: Papa of mama in duo

- Top 4

 Douwe Bob Eva Simons
Top 4: Papa of mama in duo

Rapper-zangeres I Am Aisha maakte afgelopen weekeinde haar Top 40-debuut dankzij haar bijdrage aan het nummer Slow Down van o.a. Dimitri Vegas & Like Mike. Zij is de dochter van Jetty Weels die in jaren 80 internationaal succes had met het meidentrio Mai Tai. Maar wist je dat Jetty al in 1975 in de Top 40 had gestaan als helft van een duo? Je ontdekt het in deze top 4 met nog drie andere Nederlandse papa's en mama's die in een duo zaten.

1 EVA SIMONS
Mama Ingrid Simons (B.B. Qeen) zat in Say When!
Eva Simons heeft het artiestenbloed van geen vreemden. Haar grootvader aan vaders kant is de beroemde Amsterdamse accordeonist Johnny Meijer (1912-1992). Haar moeder is Ingrid Simons. De doorgewinterde Top 40-luisteraar kent haar stem beslist, want tussen 1997 en 2014 was zij wekelijks in de uitzending te horen als de zangeres van de jinge "Het is weer vrijdag, de week ik weer voorbij". Daarvoor was ze ook actief als achtergrond- en studiozangeres en onder de naam B.B. Queen scoorde ze in 1990 en 1991 drie solohits, waaronder de top 10-hit Blueshouse. Haar Top 40-debuut maakte ze drie jaar eerder als helft van het duo Say When! Dat vormde ze samen met Elvira Valentine, die in 1992 onder de naam Goddess een hitje scoorde in de Verenigde Staten. Boys, de enige hit van Say When! kwam in 1987 niet verder dan de 30e plaats in de Top 40.

2 DOUWE BOB
Papa Simon Piosthuma zat in Seemon & Marijke
Tijdens het documentairefestival IDFA van 2013 ging Whatever Forever: Douwe Bob in première. Deze documentaire ging over de jonge winnaar van De Beste Singer-Songwriter Van Nederland en zijn relatie met zijn 54 jaar oudere vader Simon Posthuma. Samen met zijn eerste echtgenote Marijke Koger scoorde hij in 1972 een nummer 2-hit met I Saw You. Dit deden ze onder de naam Seemon & Marijke. Ondanks deze grote hit liggen hun voornaamste verdiensten in de muziekwereld op een heel ander vlak. Simon en Marijke behoorden namelijk tot de kunstenaarsgroep The Fool en als zodanig ontwierpen ze onder andere kleding en hoezen voor beroemde artiesten. Zo maakten ze de kleding die The Beatles droegen in de videoclip van All You Need Is Love en ook de psychedelische hoes van het album Picknick van Boudewijn De Groot is van hun hand.

 

3 DENNIS
Papa Rob van Donselaar zat in One Two
In 2007 scoorde zangeres Dennis twee bescheiden Top 40-hits met Today en My Own Little Bubble. Ze was in 2006 doorgebroken dankzij het televisieprogramma TMF Kweekvijver en viel behalve door haar muzikale kwaliteiten op door haar plaatjesbeugel. Dennis heet in het dagelijks leven Denise van Donselaar en is de dochter van Rob van Donselaar. Begin jaren 70 scoorde hij een paar Top 40-hits als toetsenist van de Bintangs en ruim tien jaar later vormde hij samen met zangeres Tineke Schoemaker het duo One Two. Met dit duo scoorde hij in 1984 de hit No Song To Sing. Rob van Donselaar werd echter vooral nadien bekend als producer. In die hoedanigheid was hij mede verantwoordelijk voor hits van onder andere Rowwen Hèze, Veldhuis & Kemper, Abel en Guus Meeuwis. Voor die laatste twee acts produceerde hij de nummer 1-hit Onderweg, Geef Mij Je Angst en Tranen Gelachen.

4 I AM AISHA
Mama Jetty Weels zat in Sacha & Paul
We sluiten af en met de mama van I Am Aisha, die we in de introductie al aankondigden. Jetty Weels had in de jaren 80 veel succes als zangeres van Mai Tai. Ze scoorde top 10-hits met de nummer Female Intuition en Turn Your Love Around. Het succes bleef niet binnen de landsgrenzen. In de Verenidge Staten werd Female Intuition een bescheiden hit. Body And Soul en History waren daarvoor al top 10-hit geworden in Engeland. De carrière van Jetty begon echter niet bij Mai Tai. In de jaren 70 was ze begonnen als achtergrondzangers bij The Free, maar dat was pas na het hitparadesucces van deze Rotterdamse groep. Ze haalde voor het eerst de Top 40 in 1975 als helft van het duo Sacha & Paul, dat ze samen vormde met Paul Guldenaar. De enige hit die het duo scoorde was I'm Gonna Get Married, een cover van de gelijknamige Amerikaanse hit van Lloyd Price uit 1959.